top of page

Berry Soesan

‘Ik ben trots op mijn vader. Hij was Jood en moest daarom onderduiken, hij heeft zich daarna in het verzet gestort.’

Mijn vader is tijdens zijn onderduikperiode in het verzet terecht gekomen. Ik weet heel weinig van mijn vader omdat hij is weggevoerd in ’44, toen ik vier jaar oud was. De enige fysieke herinnering die ik aan hem heb, is zijn vertrek. Dat hij in de gang stond met een koffer.’

 

‘Voor zover ik weet, heeft mijn vader zich tijdens zijn onderduik beziggehouden met het afluisteren van de Engelse radio. Wat hij met die gegevens heeft gedaan, weet ik niet. Mijn moeder heeft er nooit over gesproken. Dat was voor haar erg moeilijk. Ze wilde haar kind zo veel mogelijk beschermen. Ik heb mijn vader nooit kwalijk genomen dat hij gehandeld heeft, zoals hij gehandeld heeft. Integendeel.’

 

‘De afwezigheid van mijn vader was op velerlei manieren te merken. Ik was als kind nogal moeilijk te hanteren. Dat is te wijten aan het feit dat mijn moeder de enige was die mij opvoedde. Bovendien hadden de vriendjes die ik toen had, allemaal wel een vader. En dat merkte je toch wel als je bijvoorbeeld op school kwam. Ook als je dan thuiskwam en er geen vader aanwezig was. Daar komt nog iets bij. De warmte van een vader voor zijn kind. Dat heb ik ook nooit gekend. Als je dat mist, dan word je toch wel een klein beetje harder. Want je ziet het bij anderen wel en je mist het zelf. Dan zet je je ertegen af. Tenminste in mijn geval wel. Alles bij elkaar heeft het ertoe geleid dat ik toch wel een aardige tijd nodig heb gehad om mijn weg te vinden.’

 

‘Ieder kind wil natuurlijk graag weten wie zijn vader is. Ik kon het aan niemand vragen, dus ik ben alleen maar afgegaan op de verhalen uit de familie. Daar kwam uit naar voren dat het een hele lieve man was. Daar houdt het wel zo'n beetje op  Ik identificeer me wel met m'n vader. Maar het is niet zo dat ik zeg “Ik ben Jood of ik ben christen". Ik ben tot de conclusie gekomen dat beide religies mooi zijn, maar dat er niks van waar is. De oorlog is de oorzaak van mijn angst om me te binden en om een gezin te stichten. De wetenschap van wat gebeurd is tussen ‘40 en ‘45 en dat zoiets misschien nog een keer zou kunnen gebeuren, is voor mij de belangrijkste reden geweest om niet te trouwen en geen kinderen te krijgen. Ik denk niet dat ik daar de enige in ben, maar dat een heleboel mensen op een bepaalde wijze ontwricht zijn door de oorlog.’

 

‘Het belangrijkste vind ik dat ik uiteindelijk na een fors aantal jaren onderzoek heb gevonden waar ik naar op zoek was. Ik weet waar mijn vader is gestorven en waar zijn laatste rustplaats is. En dat is belangrijk.’

bottom of page